Reacties op Judith's Stemimprovisaties

"Hemels, een van de grootste cadeaus die ik in mijn leven heb mogen ontvangen.
Geen woorden voor...."

"Ik ben daar zo van onder de indruk. Het was een hele intense en mooie ervaring.
Alles werd in balans gebracht. Overweldigend ook.
Vooral toen er voor mij gezongen werd. Wat een potentie heeft dit."

"Er was tijdens de workshop een moment van klankschalen en zang.
Ik heb toen zoveel liefde mogen ontvangen wat niet in woorden te beschrijven
is en wat ik altijd zal blijven koesteren."

"Die vond ik fantastisch!! Echt heel mooi!!! Word ook altijd blij als ik eraan denk."

"Raar, onbekend, muzikaal, fijn, warm. Leuk om te merken dat ze bij iedereen
een ander geluid zong. Knap dat ze dat zo aanvoelde en de juiste toon wist te raken
;-) Heel mooi ook om te merken dat ze speciaal voor mij zong, toen ik in het
midden stond. Ik kon het ook accepteren dat het helemaal voor mij was."



"Judith van den Dool zingt mooi dramatisch en donker"

Judith als Nancy in opera Albert Herring bij DNOA
Jordi Kooiman, Place de l'Opera, "DNOA amuseert met komedie Britten", 19 januari 2010

Koningin bij opera Albert Herring ter gelegenheid van 90-jarig bestaan Onderwijsraad

Hare Majesteit de Koningin woonde donderdagavond 21 januari in het Koninklijk Conservatorium in Den Haag de uitvoering bij van de opera Albert Herring.

Met deze voorstelling vierde de Onderwijsraad zijn 90-jarig bestaan. De opera werd uitgevoerd door studenten van de Dutch National Opera Academy, de operaklas van het Koninklijk Conservatorium en het Conservatorium van Amsterdam.

De Onderwijsraad heeft zijn lustrum het afgelopen jaar gevierd met verschillende activiteiten binnen het thema ‘het onderwijs koesteren’. Zo zijn de adviezen van de raad vanaf 1919 gedigitaliseerd (www.onderwijserfgoed.nl) en is de L-FACTOR uitgereikt aan Sandra Pardoel, initatiefneemster van De Katrol Rotterdam, het project dat er het beste in slaagde leerlingen de rol van leraar te laten vervullen. De uitvoering van Albert Herring door de operaklas is de afsluiting van het lustrumjaar.

Hare Majesteit de Koningin ontmoet de cast na afloop van de voorstelling. De Koningin spreekt hier met hoofdrolspeler Geoffrey Degives. Rechts van hem Deirdre Angenent (Lady Billows) en links Judith van den Dool (Nancy)




Lees hier interview van NL30 met Judith in januari 2011.



De pers over Blauwbaard, Holland Opera, juni 2010

"De enscenering, inclusief het decor van Douwe Hibma, is fantastisch tegen de zeven draaideuren en dito ramen in de immense buitengevel van de Veerensmederij. De Judith van sopraan Leonie van Veen is krachtig in haar liefde voor Blauwbaard en in haar zoektocht naar het geheim achter zijn moordzucht. Een uitstekend meisjeskoor fungeert als terugkerend geweten van Judith..."
(Trouw, Anita Twaalfhoven)


Judith in de aflevering "Hoog Utrecht" van Westbroek!

In 2009 was Judith te zien in de aflevering "Hoog Utrecht" van Westbroek!

In de Domtuin in Utrecht, interviewt Henk Westbroek zangpedagoge Henny Yana Diemer
en mezzosopraan Judith van den Dool over hoe het is om hoog te kunnen zingen,
wat de hoogste noot is die ze kan zingen etc.

Tussen de interviews door worden fragmenten getoond van Judith's eindexamenrecital.

Zien? Stuur dan een mailtje naar judithvddool@hotmail.com.

De operaklas in het Conservatorium. Tweede van rechts Judith van den Dool.
(Klik hier voor de officiële webversie van de krant.)


© Sjaak Ramakers

De musical heeft in Nederland een groot deel van haar klanten weggeplukt bij de opera, die tegenwoordig nog alleen bestaat bij de gratie van een select publiek. In Duitsland ligt dat anders. Daar heeft, om met conservatoriumdocent David Prins te spreken, elk tweede dorp zijn operahuis.

Wie vooruit wil in operaland doet er daarom verstandig aan de blik naar het buitenland te richten. Judith van den Dool [26], studente aan het Utrechts Conservatorium, gaat dat ook zeker doen. Op 20 juni om vier uur doet ze haar bachelor-examen, wat inhoudt dat ze tijdens een openbaar concert in de Fentener van Vlissingenzaal laat zien wat ze waard is. Daarna zou ze de beroepspraktijk kunnen ingaan, maar dat gebeurt niet. Ze gaat nog twee jaar door voor haar masters, want naar haar gevoel is ze pas op éénderde van wat ze wil kunnen. Ze wil haar talent verder ontplooien onder de vleugels van haar docenten, van wie zangpedagoge Henny Diemer haar absolute favoriet is. ‘Henny is een echte stembouwster. Met mijn lage stem moet dat op een rustige, voorzichtige manier. Zij doet dat geweldig.’

Geen last

Judith is mezzosopraan, en dat heeft voor- en nadelen. Een pluspunt is dat er minder mezzo’s zijn dan sopranen, en dat je daarom wat makkelijker aan de bak komt. Daar tegenover staat dat een lage vrouwenstem zich vaak trager ontwikkelt. Wat anderen in vier jaar deden, daar had zij er zes nodig. Vanaf het derde jaar kunnen zangstudenten zich specialiseren in opera. In Utrecht zijn dat er op het ogenblik zeven, allemaal vrouwen. Judith: ‘Ik heb geen last van gebrek aan mannen. De atmosfeer bij ons is heel prettig. We gaan erg liefdevol met elkaar om. Gastdocenten valt dat ook op. ’Niettemin is ze blij dat komend studiejaar bij de masters een man instroomt. ‘Er is dan meer repertoire. Het lijkt me superleuk om liefdesduetten te zingen’.

Doek gaat op

De algemene vakken gaan nog tot juli door, maar de operalessen zijn afgelopen, en daarom drinkt het klasje koffie in café Springhaver. Ze nemen er vast een beetje afscheid van een paar studenten die hun masters hebben afgerond. Kitty de Geus is één van de vertrekkers. ‘Ik ben helemaal klaar. Voor mij valt het doek op school, maar aan de andere kant gaat het weer op’.

Dramadocent David Prins steekt zijn hand in het vuur voor de kwaliteiten van de afgestudeerden. ‘Ze kunnen zuiver zingen, ze kunnen maat houden, ze kunnen een tekst uit het hoofd leren en ze kunnen acteren. Of ze snel rollen krijgen ligt meer aan de mensen die zoeken dan aan de zangers.’ Het is volgens hem altijd zo geweest dat er meer aanbod is voor vrouwenrollen. ‘Een tenor heeft al heel snel werk’. Afgestudeerde Kitty: ‘Ik denk niet dat ik zal sterven als ik niet zal zingen. Maar het is wel het leukste vak dat ik ken’.

Topsport

Of Judith niet-zingen ook zou overleven staat nog te bezien. Ze zegt: ‘Het is echt ons hele leven; je staat er mee op en je gaat er mee naar bed. Je past alles er op aan. Ik ga bijvoorbeeld echt niet meer een hele avond naar een kroeg als je daar hard moet praten. Ik leef als een topsporter’. Ze woont in een studentenhuis in Lunetten, waar niemand zich stoort aan haar zang. ‘Ik krijg alleen maar positieve reacties’.

Twee tot drie uur per dag oefent ze thuis, en verder heeft ze daar nog van alles te doen, zoals het vertalen van buitenlandse liedteksten in het Nederlands, zodat ze elk woord volledig begrijpt. ‘Het moeten mìjn teksten worden. Je moet het doen vanuit je eigen uniciteit, en hopen dat je iets nieuws brengt dat de mensen raakt’.

Ze vindt dat ze hard werkt, maar dat kan haar niet schelen. ‘Ik doe het niet voor school, maar voor mezelf, want ik wil zangeres worden.’Judith komt uit een muzikaal Culemborgs gezin. Op haar elfde zong ze al Bach-cantates. Ze was dertien toen ze op vioolles ging, ‘maar stiekem wilde ik toch het allerliefste zangeres worden. Klassiek, want daar houd ik toch het meeste van. Daarin voel ik me thuis’.

Nancy

Ze wilde perse in Utrecht naar het conservatorium. ‘Ik had al van Henny Diemer gehoord. Ik wist dat ik naar haar toe wou, en dat is me gelukt’. Over twee jaar – ze is dan 28 – heeft ze haar masters, en dan moet het gebeuren, voorzover het op het ogenblik al niet een beetje gebeurt. Want ze krijgt nu een rol [Nancy] in Benjamin Brittens Albert Herring, geproduceerd door de Nieuwe Opera Academie. Maar straks wordt het pas echt menens. ‘Ik weet dat het me lukt. Eerst misschien naar een Duits operahuis.’